Computerspellen worden fysiek

Herbert Blankesteijn

In Orlando, Florida is een oppervlakte zo groot als de stad Utrecht gewijd aan Disneyvertier. Een van de vele attracties is DisneyQuest, een gebouw van vier verdiepingen met computerspellen in alle mogelijke vormen. Er zijn gewone speelkasten zoals die al sinds de jaren 80 bestaan, met beeldschermen en joysticks. Maar het meest interessant zijn de spellen waar de speler fysiek een rol in speelt. Beet heeft bij DisneyQuest ongeveer een jaar geleden een opname gemaakt van iemand die punten scoort door te dansen.

[DisneyQuest.mp3]

Met dit soort spellen staat DisneyQuest vol. Je kunt boksen tegen een virtuele tegenstander. Je kunt met een 3D-helm op vijandelijke strijders te lijf door met een zwaard te zwaaien. Je kunt aan boord gaan van een schip en met een fysiek kanon schieten op piraten. Verlies je dan ga je (virtueel) naar de kelder en zie je opeens allemaal vissen om je heen.

Beet heeft verder een vage herinnering aan hometrainers met een computerkoppeling, waarmee je een parcours over het scherm moest afleggen. Niet alleen kon je je tijd over het traject bijhouden en eventueel verbeteren, ook had je op sommige punten minstens een bepaalde snelheid nodig om over een ravijn te springen. In Kernwasser Wunderland, het pretpark in de voormalige kerncentrale in Kalkar, Duitsland, heb je echte motorfietsen waarmee je racet op een computercircuit. De digitale versie van je machine bestuur je door de bewegingen van de fiets waarop je zit.

De danser in het geluidsfragment zegt zo'n dansspel op zijn Nintendo te hebben. Het is bekend dat spelletjes voor thuis met vertraging de ontwikkelingen in de speelhallen volgen. Beet heeft inmiddels kennisgemaakt met het spel EyeToy voor de Playstation. Dat werkt met een camera die lichaamsbewegingen van de speler waarneemt. Je moet met klappen en trappen beesten en projectielen uit de lucht meppen. Of met zwaaiende armen een eindeloze reeks ruiten wassen. Of je bestuurt met je lichaam een skateboard en je moet tegelijkertijd door te springen en te bukken obstakels ontwijken of oppakken. En er is ook een spel waarbij je danst.

Als je kinderen zwaarlijvig worden, of gewoon lui, door de constante verleiding van het computerspel, geef ze dan een Playstation met EyeToy. Al was het maar om zelf weer in conditie te komen.

Inmiddels lijkt de cirkel rond met versies van het aloude PacMan die zich afspelen in de werkelijke wereld. Dit voorjaar werd in de straten van New York PacMan gespeeld door studenten van de plaatselijke universiteit. Eén was PacMan en vier speelden voor de spoken die PacMan bedreigen. Ze stonden met mobiele telefoons in verbinding met een vluchtleidingscentrum. Spelers moesten vertellen waar ze waren en kregen te horen waar de anderen uithingen en in welke toestand ze verkeerden (als PacMan een bepaald pilletje heeft gevonden, is hij een bedreiging voor de spoken in plaats van andersom).

Aan de universiteit van Singapore doen ze er een schepje bovenop. Daar spelen de studenten PacMan met gps-apparatuur die ze lokaliseert, met bewegingssensors en met computerbrillen. De 'koekjes' die PacMan al bewegend eet, worden digitaal in zijn bril geprojecteerd, zodat ze deel zijn van het straatbeeld. PacMan moet erdoorheen lopen. Maar de 'krachtpillen' waarmee PacMan de spoken kan verslaan, die in het spel tussen de koekjes liggen, zijn hier fysieke potten. Deze zijn met de draadloze techniek Bluetooth uitgerust zodat de centrale computer weet wanneer PacMan ze vindt. Een draadloos netwerk zorgt voor het transport van alle informatie.

Met dit soort spellen is intussen ook geëxperimenteerd in Las Vegas. Minneapolis en Londen. Beet hoopt dat ze snel Nederland bereiken, gecommercialiseerd worden en in en om het huis kunnen worden gespeeld. Cool en gezond. Waarom niet?