Pc op school is PR-stunt

Herbert Blankesteijn

 

Onlangs heeft KPN bij wijze van PR-stunt één basisschool voorzien van twee miljoen aan moderne computerspullen, tot chagrijn van veel andere scholen, die het met afdankertjes van ouders moeten doen. Net toen de verbazing daarover was gezakt, heeft minister Roger van Boxtel de mening verkondigd, via zijn site op internet en door middel van een persbericht, dat je eigenlijk bij kleuters al zou  moeten beginnen met onderwijs op het gebied van informatie- en communicatietechnologie (ICT). 'Waarom zou je kinderen wel leren vingerverven of hutten bouwen en niet leren op een leuke en verstandige manier met computers om te gaan?'

 

Sommige misverstanden over de computer zijn hardnekkig. Een is, dat het mysterieuze apparaten zijn, waarop je alleen vaardig kunt worden als je er vroeg mee begint. Er zijn veel feiten die hiermee in tegenspraak zijn. Zo zijn er onder de huidige ICT-ondernemers en andere whizkids niet of nauwelijks personen die op de basisschool met de computer hebben kennis gemaakt. Toen de huidige volwassenen daar vertoefden, waren computers daar te zeldzaam en te duur voor. Nodig is het dus zeker niet.

 

Het idee dat je als volwassene niet meer met de computer zou kunnen leren omgaan, wordt gelogenstraft door de talloze ouderen die op het ogenblik met groot plezier en succes internetcursussen volgen. Het enige wat je nodig hebt is wat eigen nieuwsgierigheid (in plaats van een minister of ICT-goeroe die roept dat je de boot mist) en een beetje tijd - en dat hebben senioren misschien in ruimere mate dan werkende volwassenen.

 

Ook is het een vergissing te denken dat kinderen later iets zullen hebben aan de computerervaring die ze nu opdoen. Een jonge volwassene van nu zou tien jaar geleden op de basisschool met de tekstcommando's van MS-DOS hebben moeten werken. Twintig jaar geleden zou hij hebben moeten programmeren. Misschien een leuke start van een carrière in de ICT, maar voor de huidige kantoorpraktijk bijvoorbeeld volkomen irrelevant. Evenzo is het onwaarschijnlijk dat de manier waarop computer-achtige apparaten nu werken en bediend worden, het einde van het decennium haalt. Daar komt bij dat de benodigde basisvaardigheden alleen maar makkelijker worden; het zal dus steeds minder nodig worden om cursussen en dergelijke te volgen, laat staan rond de computer een schoolvak te bouwen.

 

De retorisch bedoelde vraag die Van Boxtel stelt heeft een makkelijk antwoord. Je leert kinderen in de kleuterklassen geen dingen die ze veel later - zo ooit - pas nodig zouden kunnen hebben. Je leert ze bijvoorbeeld ook niet autorijden, al worden ze vast betere automobilisten als ze heel jong beginnen, is dat voor hun beroepsperspectief gunstig, en zouden ze maar wat graag willen. In de eerste groepen van de basisschool ligt de nadruk, en hoort deze te liggen, op sociale en eenvoudige motorische bezigheden als vingerverven of hutten bouwen. De beroemde oog-handcoördinatie waar makers van pc-spelletjes voor kleuters veelvuldig mee schermen, hoort daar nadrukkelijk niet bij. Als er iets is wat computerdebutanten van alle leeftijden (op een enkele politicus na) onmiddellijk begrijpen, is het wel wat een muis doet. Het potlood en de schaar zijn voor de oog-handcoördinatie veel belangrijker.

 

De computer heeft hier en daar op scholen een ondersteunende functie, zoals bij taal-, reken- en aardrijkskundelessen. Dit vergroot de productiviteit van de leerkrachten, zodat daar minder van nodig zijn. Het maken van werkstukken wordt leuker voor de leerling: geen geknoei meer met schaar en lijm, en het resultaat is mooier dan het vroeger zou zijn geweest. Maar of het resultaat in termen van de doelstellingen van het onderwijs ook beter is, is helemaal niet zeker. Is een geduldige digitale assistent per saldo beter dan een behulpzame leerkracht of medeleerling? Leer je door schrijven, tekenen, knippen en plakken met de hand geen belangrijke zaken, al is het maar in motorisch opzicht? Moet je niet leren zoeken in boeken vóór je leert zoeken door op de Enter-toets te drukken? Over het algemeen wordt aangenomen in plaats van aangetoond, dat het antwoord op zulke vragen in het voordeel van de computer uitvalt.

 

Ik probeer niet de computer de basisschool uit te praten. Het ding staat daar en zal niet meer weggaan, en de scholen zelf zullen er wel het beste van weten te maken. Maar het is griezelig hoe verschillende partijen, schermend met het veronderstelde en onbewezen nut van de computer, over de ruggen van scholen en leerlingen aan public relations doen. Bedrijven scoren door met hun hardware voor Sinterklaas te spelen. Ministers scoren door heel modern ICT te propageren als levenselixer voor elk hoekje van de samenleving. Scholen scoren met mooie apparaten, want ouders lezen de krant ook, en sturen hun kinderen liever naar een school waar monitoren van 17 inch staan dan naar een met schermen van 15 inch. Hoe je het wendt of keert, dit gaat ten koste van normale schoolse activiteiten. Dat moet wel slecht zijn voor het onderwijs.

 

[Ik zou het in dit geval op prijs stellen als duidelijk werd gemaakt dat ik niet de eerste de beste Luddiet ben. Suggesties:

HB is ICT-columnist voor Intermediair en Business Nieuws Radio.

HB is auteur en presentator van PC4U, de komende pc-cursus voor Teleac/NOT.]